Handreiking: Voorschoolse educatie voor peuters in de asielopvang

De kans dat jonge kinderen die in asielopvang verblijven met een (taal)achterstand aan hun schoolcarrière beginnen is groot. Ruim 40% van de gemeenten met een COA-locatie geeft aan nog geen ve-aanbod te hebben, blijkt uit onderzoek van KBA Nijmegen, Oberon en Sardes. Om gemeenten, de kinderopvang, het COA en de JGZ te ondersteunen, hebben deze drie onderzoeksbureaus een handreiking ontwikkeld. 

De eerste jaren van een kind zijn van groot belang voor de ontwikkeling. Het is daarom zorgelijk dat jonge kinderen die in asielopvang verblijven, zich vaak bevinden in een leefsituatie die weinig bevorderlijk is voor hun ontwikkeling: stress, onrust, beperkte speelruimte en - mogelijkheden en geregelde verhuizingen. Bovendien is er op deze locaties vaak weinig mogelijkheid om de Nederlandse taal te leren. Een kwalitatief goede voorschoolse voorziening kan bijdragen aan het voorkomen of inlopen van deze ontwikkelingsachterstanden. Gemeenten hebben een wettelijke verplichting om voorschoolse educatie aan te bieden aan alle peuters met een risico op (taal)achterstand. Hieronder vallen ook peuters in de asielopvang. Daarnaast ligt er sinds de invoering van de nieuwe wet Inburgering in juli 2020 een grotere verantwoordelijkheid bij gemeenten om integratie en inburgering te regelen, waar deelname aan voorschoolse voorzieningen aan bijdraagt.

Toch blijkt dit uit het onderzoek nog een struikelblok. Bijna 90% van de gemeenten met een asielopvang heeft deelgenomen aan het onderzoek. In bijna de helft van deze gemeenten is nog geen ve-aanbod beschikbaar voor de peuters die op de COA-locatie verblijven. Ook bleek uit het onderzoek een grote behoefte naar informatie en ondersteuning. Daaraan wordt middels deze handreiking gehoor gegeven. De handreiking is gebaseerd op het onderzoek en verdiepende casusstudie waarbij is gekeken naar vijf gemeenten die als voorbeeld kunnen dienen. 



Delen