Zorg en VVE

In voorschoolse voorzieningen kunnen peuters met  (risico op) ontwikkelingsachterstanden door een verijkte speel- leeromgeving goed worden ondersteund. Er zijn echter ook peuters bij wie naast (taal)achterstand ook andere problematiek aanwezig is. Dit vraagt het nodige van pedagogisch medewerkers in de peuter- en kinderopvang, maar ook van beleidsmakers van de gemeente.  Daarom is goede samenwerking tussen voorschoolse voorzieningen, jeugdhulp van gemeenten en passend onderwijs vanuit de samenwerkingsverbanden gewenst.  We geven hier een aantal vraagstukken weer die anno medio 2017 bekend zijn en waar we samen met gemeenten en onderwijs de komende jaren antwoorden op zullen moeten formuleren:

  • Welke ondersteuning kan/moet een peuterspeelzaal of kinderdagverblijf zelf aanvullend bieden?
  • Is VVE bij multi-problem gezinnen een goede interventie en welke verbinding is er met de jeugdgezondheidszorg (CJG) en de wijkteams van gemeenten?
  • Welke overdracht kan/moet richting de scholen gedaan worden voor deze peuters, zodat zij in het kader van Passend Onderwijs een goede start kunnen maken met hun schoolcarrière?

 

Wet- en regelgeving
De inspectie van het Onderwijs heeft in het oude toezichtskader steeds gekeken of de relatie met de zorg (Inspectie spreekt hier van ‘externe zorg’) in orde is. Op gemeentelijk niveau gaat dat over de mate waarin op voorschoolse locaties de zorgstructuur bekend is en er afspraken zijn over de wijze waarop de zorg voor peuters wordt uitgevoerd. Bij instellingen zelf gaat Inspectie na of de pedagogisch medewerkers en leerkrachten weten welke kinderen zorg nodig hebben en welke dan. Daarnaast ook of zij de kinderen aanmelden voor zorg, en of zij de ontwikkeling van kinderen met extra zorg bijhouden.

Meer informatie

Onderzoek: De rol van pedagogisch medewerkers op peuterspeelzalen in achterstandswijken

Praktijkvoorbeeld: Schoolmaatschappelijk werkers gaan voor kwaliteit

Artikel: Ib’er in de voorschool (lbbo Beter Begeleiden april 2014)

Website: Onderwijsjeugd